Branding
Logo bestandsformaten uitgelegd: AI, SVG, PNG, EPS en wanneer welke
Je logo is klaar en je krijgt een mapje vol bestanden toegestuurd: een AI-bestand, een paar PNG’s, een EPS, misschien een SVG. En dan komt de vraag waar bijna iedereen op vastloopt: welk bestand stuur je nu naar de drukker, welk zet je op je website en welk gebruik je voor LinkedIn? Stuur je het verkeerde, dan krijg je een wazig logo op je beursbanner of een witte rand rond je avatar. In dit artikel lees je wat elk logo-bestandsformaat doet, waarom ze bestaan en wanneer je welk inzet. Geen technisch jargon om het jargon, wel een praktische gids zodat je nooit meer twijfelt welk bestand je opent.
Vector versus pixel: het ene verschil dat alles verklaart
Voor je de losse formaten begrijpt, moet je één onderscheid kennen. Logobestanden vallen in twee families: vector en pixel (ook wel raster genoemd). Snap je dit verschil, dan snap je meteen waarom er zoveel formaten bestaan.
Een vectorbestand beschrijft je logo als wiskundige vormen: lijnen, curves en vlakken met coördinaten. Het bestand zegt niet “hier staat een blauwe pixel”, maar “trek een cirkel met deze straal en vul hem blauw”. Het gevolg is magisch: je kunt het logo zo klein als een favicon of zo groot als een gevelreclame maken, en het blijft altijd haarscherp. Er is geen vaste resolutie, dus geen kwaliteitsverlies. AI, EPS, SVG en (meestal) PDF zijn vectorformaten.
Een pixelbestand is een raster van losse gekleurde puntjes met een vaste resolutie. Een PNG van 500 bij 500 pixels heeft precies dat aantal puntjes. Maak je hem groter, dan worden de puntjes uitgerekt en zie je blokjes en wazigheid. PNG en JPG zijn pixelformaten. Ze zijn niet slechter, ze zijn anders: voor het web en voor foto’s zijn ze juist ideaal, omdat browsers en schermen er direct mee overweg kunnen.
De praktische les: je hebt allebei nodig. Het vectorbestand is je onaantastbare origineel, de pixelbestanden zijn de werkkopieën voor dagelijks gebruik. Een goede ontwerper levert daarom altijd beide.
De vectorformaten: je origineel en je drukwerk
AI (Adobe Illustrator)
Het AI-bestand is het bronbestand, het origineel waarin je logo is getekend. Het opent in Adobe Illustrator en bevat alle lagen, paden en kleurinformatie. Dit is het bestand waarmee je ontwerper (of een volgende) je logo kan aanpassen: een kleur wijzigen, een variant maken, een woordmerk losknippen.
Voor jezelf doe je in de dagelijkse praktijk niets met een AI-bestand, want je hebt Illustrator nodig om het te openen. Maar bewaren is cruciaal. Zonder dit bestand kan niemand je logo later nog netjes bewerken. Zie het als de moedervorm: je gebruikt hem zelden, maar je wilt hem nooit kwijtraken.
EPS (Encapsulated PostScript)
EPS is het klassieke uitwisselformaat voor drukwerk. Het is een vectorbestand dat zo goed als elke drukker en elk professioneel ontwerpprogramma kan openen, ook zonder Illustrator. Krijg je de vraag “stuur ons je logo in vector” voor een banner, een sticker, bedrukte kledij of een advertentie in een magazine, dan is EPS vaak het juiste antwoord.
EPS raakt langzaam uit de mode ten voordele van PDF, maar veel drukkerijen vragen er nog naar. Het is verstandig om het in je leverpakket te hebben.
PDF kent iedereen als documentformaat, maar een logo-PDF kan de volledige vectorinformatie bewaren. Daardoor is het een uitstekend, universeel deelbaar drukbestand: je drukker kan het openen, je collega kan het bekijken zonder dure software, en de kwaliteit blijft schaalbaar. Voor veel hedendaagse drukwerkopdrachten is een vector-PDF net zo bruikbaar als een EPS.
SVG (Scalable Vector Graphics)
SVG is de vector voor het web. Een SVG-logo op je website blijft scherp op elk scherm, van een oude laptop tot een 4K-monitor of een retina-telefoon, en het bestand is meestal klein, wat je laadtijd ten goede komt. Bovendien kun je een SVG met code van kleur laten veranderen, bijvoorbeeld voor een donkere modus. Bouw je een nieuwe site, vraag dan expliciet om een SVG van je logo. Het is technisch het beste formaat voor scherpe, snelle weergave, en die snelheid telt mee als je je websiteverkeer wil omzetten in leads in plaats van bezoekers te verliezen aan trage pagina’s.
De pixelformaten: voor web en social media
PNG
PNG is het werkpaard voor digitaal gebruik en het formaat dat je waarschijnlijk het vaakst zelf zult inzetten. De grote troef: PNG ondersteunt transparantie. Dat betekent dat de achtergrond rond je logo doorzichtig is, zodat je het op een gekleurde balk, een foto of een gekleurde social-headerafbeelding kunt plaatsen zonder lelijk wit kader eromheen.
Vraag je ontwerper om PNG’s in een paar maten (klein voor web, groot voor presentaties) en het liefst in twee kleurversies: een donkere variant voor lichte achtergronden en een witte variant voor donkere achtergronden. Met die set kom je in 90 procent van je dagelijkse gebruik weg, van e-mailhandtekening tot PowerPoint.
JPG (JPEG)
JPG ken je van foto’s. Voor logo’s is het meestal de minst geschikte keuze om één reden: JPG kan geen transparantie. Je logo komt dus altijd op een dichte achtergrond te staan, doorgaans wit. Daarnaast comprimeert JPG met kwaliteitsverlies, waardoor je rond scherpe randen en tekst vage artefacten kunt krijgen.
Gebruik JPG alleen als een platform er uitdrukkelijk om vraagt of als je logo sowieso op een effen witte achtergrond staat. In de meeste gevallen is PNG de betere digitale keuze.
Welk formaat gebruik je waar?
Hier komt alles samen. Een praktische vuistregel per situatie:
- Je website of webshop: SVG als het kan, anders PNG met transparante achtergrond.
- Social media (profielfoto, header, posts): PNG met transparantie, in de juiste afmetingen per platform.
- E-mailhandtekening en kantoordocumenten: PNG, een kleinere variant.
- Drukwerk (visitekaartjes, banners, bedrukte kledij, stickers): EPS of vector-PDF naar de drukker sturen.
- Bewerken of een nieuwe variant laten maken: het AI-bronbestand.
Twijfel je tussen twee? Onthoud de grondregel: alles wat groot of gedrukt wordt, vraagt om vector. Alles wat op een scherm verschijnt, kan met PNG of SVG.
Eis je bronbestanden altijd op
De belangrijkste les van dit hele verhaal is geen technische, maar een zakelijke. Wie een logo laat ontwerpen, moet eigenaar worden van de bronbestanden. Krijg je alleen een paar PNG’s, dan zit je vast: je kunt je logo niet schalen voor drukwerk, niet aanpassen en bij een verloren bestand niet reproduceren. Je bent dan afhankelijk van de oorspronkelijke maker voor elke kleine wijziging.
Maak daarom vooraf afspraken. Een correct leverpakket bevat minstens het AI-bronbestand, een EPS of vector-PDF voor druk, een SVG voor web en een set PNG’s in donkere en witte versie. Wij vinden dit een basisvoorwaarde van professioneel werk, geen extraatje. Een goede branding bureau levert je logo standaard in alle bruikbare formaten af, met een korte uitleg erbij over welk bestand waarvoor dient, zodat je er meteen mee aan de slag kunt.
Logobestanden zijn trouwens maar één onderdeel van een groter geheel. Een logo dat in elk formaat klopt, is pas waardevol als het ergens voor staat. Dat begint bij je positionering en je merkstrategie, en het krijgt vorm in de principes achter een sterk B2B-logo. De bestandsformaten zijn het sluitstuk: ze zorgen dat het werk dat je in je merk steekt, overal scherp en consistent terechtkomt.
Wil je zeker zijn dat je logo en huisstijl in elk kanaal kloppen, of zit je vast met onbruikbare bestanden van een vorige ontwerper? Neem contact met ons op en we kijken samen hoe je je merk technisch en strategisch op orde krijgt.
Gratis website-scan
Geef je website in en krijg binnen enkele minuten een automatische scan met concrete technische en SEO-verbeterpunten. Geen verkooppraatje.
Je gegevens gebruiken we alleen voor je scan. Geen spam, uitschrijven kan altijd.